Hoe overleef je een huilbaby?

Na een lange, intense maar vooral prachtige bevalling was ze daar dan eindelijk: Soof! Het avontuur van ons leven, wat waren we trots en vol van liefde. Slapen voelde als tijdverspilling en geen uitzicht was mooier dan dat kleine mensje van ons samen.

Van roze wolk naar donderwolk

De kraamweek was -los van het feit dat ik ongeveer net zo mobiel was als een revaliderende bejaarde- een grote roze wolk. Buideluurtjes, badderen, af en toe wat kraambezoek en een heerlijk tevreden (en veel slapende) baby. Na 1,5 week veranderde deze roze wolk langzaam maar zeker in een donderwolk; slecht drinken, onrust en huilen. Heel veel huilen. Zo veel zelfs, dat ik in de weken daaropvolgend continue met Soof in de draagdoek liep, niet meer wist wanneer ik voor het laatst had gegeten en douchen tot overbodige luxe was verheven.

Oer-brein

10 tot 12 uur per dag was ik bezig met het troosten van mijn huilende baby. Ondertussen was mijn brein overgeschakeld naar een soort oer-modus. Ieder huiltje ging door merg en been en sneed dwars door mijn moederziel. Een continue gevoel van acute stress is wat het teweeg bracht. Dat is overigens buitengewoon goed geregeld door moeder natuur. Het huilen van je eigen baby is namelijk een dusdanig pijnlijke prikkel, dat je brein er alles aan wil doen om de behoefte van je baby te vervullen, zodat het huilen stopt. Je wordt als het ware door je eigen oerinstinct aangespoord om jouw kindje te geven wat het nodig heeft. Mooi toch?

Taboe

Maar wat als niets helpt? Voeden, wiegen, boeren, slapen, verschonen, zingen, dragen en buidelen. Wat ik ook probeerde, niets kon ervoor zorgen dat mijn baby stopte met huilen. En ik? Ik huilde met haar mee, voelde me machteloos en bovenal een waardeloze moeder. Want hoe kan het nu zo zijn dat ik mijn eigen kindje niet eens kan troosten? En hoe kan het dat ik niet aan haar manier van huilen hoor welke behoefte ze heeft? Ben ik wel geschikt hiervoor? Waarom ben ik hier eigenlijk aan begonnen? Ben ik dan zo’n slechte moeder?

Onzekerheid, schuldgevoel en zelfs spijt blijkt bij huilbaby-ouders veel voorkomend, maar het bespreken van deze gevoelens en gedachtes is nu niet bepaald de norm en misschien zelfs taboe. “Geniet ervan hé!” en “Ach, baby’s huilen nu eenmaal” is wat er veelal wordt gezegd tijdens kraamvisites. Goed bedoeld, maar het maakt het bespreken van die o zo ingrijpende ervaringen niet gemakkelijker. Want hoe ga je delen met de buitenwereld dat je het ouderschap helemaal niet zo ‘genieten’ vindt als je je hier eigenlijk voor schaamt of verdrietig om bent? En hoe overleef je die huilbaby-periode zonder dat je hier zelf aan onderdoor gaat?

Tips

Sluit een medische oorzaak uit

Iedere baby die verzorgd en geliefd wordt, huilt met een reden. Het onderzoeken en achterhalen van die reden is dan ook van groot belang. Pijn, ongemak, honger of vermoeidheid zijn voor de hand liggende redenen, maar zegt jouw instinct dat er meer aan de hand is? Laat dan altijd onderzoeken of er sprake is van een medische oorzaak!

Osteopathie

In sommige landen brengt iedere pasgeboren baby een preventief bezoek aan de ostheopaat. Een ostheopaat kan klachten als gevolg van problemen in de zwangerschap, een moeizame geboorte en toenemende onrust, alertheid en overmatig huilen behandelen. Dit wordt gedaan door zachte ‘massage-achtige’ technieken, gericht op het ontspannen en opheven van blokkades in bestaande structuren. Bij veel huilbaby’s brengt osteopathie verandering, omdat niet alle blokkades medisch zichtbaar of behandelbaar zijn, maar wel pijn of ongemak kunnen veroorzaken.

Houd je baby dichtbij

Baby’s zijn gemaakt om te dragen en dichtbij te zijn. En zeker een huilbaby heeft veel behoefte aan troost en contact. Een goede drager helpt om je baby op natuurlijke wijze bij je te houden en te kunnen troosten, zonder je mobiliteit te verliezen. In mijn blog draag maar raak lees je meer hierover. Ook samen slapen kan zorgen voor rustigere nachten en het gevoel van geborgenheid en veiligheid vergroten bij je baby.

Schakel hulptroepen in

Bespreek je ervaringen met mensen die je vertrouwd, durf je gedachtes en gevoelens te bespreken en vraag om hulp, zowel emotioneel als praktisch. Steun is van essentieel belang! Die vriendin waar je tegenaan kunt kletsen, een familielid die even een stofzuiger door je huis haalt en de buurvrouw die de hond voor jullie wil uitlaten. Schakel de mensen in die in deze periode iets voor je kunnen betekenen.

Opladen

Een huilbaby kost veel, heel veel energie. Dat houdt je natuurlijk wel even vol, maar probeer tijd te vinden om te kunnen opladen. Een middagje Netflixen, bijslapen, uit eten met je partner of gewoon even alleen thuis zijn? Regel oppas en plan even wat oplaadtijd voor jezelf.

Wees kritisch ten aanzien van kraambezoek

Kraambezoek, dat hoort zo. Of niet? Vanaf nu is het alleen nog maar belangrijk om kritisch te kijken naar wat voor jullie werkt. Bovendien heeft een huilbaby meestal geen baat bij extra prikkels en verplicht kroelen met een vreemde. Is kraambezoek voor jou een welkome afleiding en kan je baby er goed tegen? Doen (en vraag ze gelijk een warme maaltijd mee te brengen)! Zorgt het voor nog meer stress? Verban het! Laat je niet leiden door hoe het hoort, maar durf te luisteren naar wat je hart je ingeeft.

Je doet het goed

Schuldgevoelens en onzekerheid zijn veel voorkomend, maar realiseer je dat dit slechts gedachtes zijn. Jij bent niet je gedachtes. Dat je baby huilt zegt niets over jouw ouderschapskwaliteiten. Je bent goed zoals je bent, je doet het goed!

Weet dat dit voorbij gaat

Het klinkt misschien cliché, maar weet: dit gaat voorbij. Al voelt het echt alsof er nooit een einde aan deze fase gaat komen, weet dat het tijdelijk is. Er komt een moment dat je baby wél zelf kan slapen, het vele huilen stopt en je meer en meer kan gaan genieten. Het is loodzwaar maar weet; het gaat veranderen. Echt!

Verwerken

Veel te lang duurde het, voordat we erachter kwamen dat Soof huilde door verborgen reflux. Ze had pijn, heel veel pijn. Osteopathie, dragen en lieve familie zijn onze redders geweest. En heel langzaam veranderde ze van een huilende baby naar een ontspannen en vrolijker meisje. Nou, tijd voor feest, slingers en gebak zou je denken! Maar niets is minder waar. De maandenlange stress, gevoelens van onmacht en het enorme slaapgebrek had er flink ingehakt en zorgde bij mij voor depressieve klachten. Ik voelde me oververmoeid, opgebrand en somber. Maar ook schuld- en onzekerheidsgevoelens kwamen op. Had ik het anders moeten doen? Hoe kan het toch dat ik er zo laat achter kwam waarom mijn lieve kleine meisje zo huilde? Tegelijkertijd kon ik het geluid van huilende baby’s nauwelijks verdragen en dacht ik zelfs gehuil te horen als ik alleen thuis was en stond te douchen.

De hele dag doorbrengen met je huilende baby kan traumatisch zijn. Want zowel een situatie met een huilbaby als een acute traumatische gebeurtenis gaan gepaard met gevoelens van machteloosheid, stress en onzekerheid. Klachten naar aanleiding van een periode met een huilbaby zijn daarom heel logisch en zeker niet overdreven. Het is simpelweg een ervaring die je moet verwerken. En dat kost tijd, aandacht, steun en een hele dosis zelfliefde.

Het ging voorbij

Door hulp en steun van mijn omgeving, bij te slapen wanneer mogelijk én lief te zijn voor mijzelf kwam ik er gelukkig al redelijk snel weer bovenop. Steeds meer kon ik genieten van simpele dingen zoals een mooie zomerdag of fijne muziek. Ik werd sterker, rustiger en bovenal meer en meer een genietende moeder, die achter die donderwolk een stralende zon tevoorschijn zag komen! Dus nu weet ik het zeker; het was tijdelijk. Het veranderde en het ging dus écht voorbij.

Courgetti carbonara

Delizioso, ofwel heerlijk in het Italiaans: pasta carbonara! Een snelle en heerlijk romige maaltijd met doorgaans weinig of geen groentes en véél koolhydraten. Dat moet toch anders kunnen dacht ik. En zo ontstond de koolhydraatarme groentevariant: courgetti carbonara!

Wat dan?

Ingrediënten (voor 5 personen):

  • 2 courgettes
  • 250 milliliter verse (biologische) slagroom
  • 4 eieren
  • 150 gram Grano Padano kaas
  • 250 gram (biologische) spekreepjes
  • 6 takken peterselie
  • 4 tenen knoflook
  • Peper en zout naar smaak

Hoe dan?

Snijd de courgettes met een spiraalsnijder (verwijder af en toe de natte middenstukken van de courgette om te voorkomen dat de courgetti papperig wordt, de buitenkant van de courgette is het meest geschikt voor het maken van courgetti).

Rasp de kaas. Bak de spekreepjes in een koekenpan (zonder olie of boter) goudbruin. Laat ze uitlekken zodra ze goudbruin zijn en zet ze nog even terug op laag vuur. Bak de versgeperste knoflook zo’n 20 seconden mee.

Meng in een kom de eieren met de slagroom en voeg peper en zout naar smaak toe. Bak de courgetteslingers in een pan met 2 eetlepels olie en voeg na 3 minuten het roommengsel toe. Roer tot het ei licht stolt. Voeg de geraspte kaas toe en wacht tot het geheel is gesmolten. Decoreer met peterselie en breng eventueel op smaak met zout en peper.

Buon appetito, eet smakelijk!

Eerste hulp bij driftbuien

Het is een regenachtige woensdagmiddag als ik samen met Soof rondstruin in de stad. Na een uur in de bibliotheek te hebben gespendeerd (waar ze om de 5 minuten luidkeels en enthousiast “Bieeeeb!” rondschreeuwde), zijn we onderweg naar huis in een woonwinkel beland. Dit was natuurlijk niet haar idee, maar goed mama wil ook wel eens wat en Soof heeft besloten dat dit de uitgelezen plek is om verstoppertje te spelen. Allebei blij, helemaal prima.

Explosie in 3, 2, 1..

We lopen de trap op en in de verte zie ik het al. Een reusachtige tipitent, volgehangen met vlaggetjes en bekleed met zachte kussens en een uitnodigend stoeltje. Ik kijk naast me en zie een grote grijns. “Tent! Mama, teeent!” Nog voor ik het goed en wel in de gaten heb stormt Soof (met modderige schoenen) de tent in. Mijn oog valt op een bordje “GEEN speelgoed”. Oké dat is (naast passief agressief) vrij duidelijk. Het liefst zou ik die boodschap trouwens heel recalcitrant negeren vanwege die toon, maar ik zie in mijn ooghoek al een verkoopster met opgetrokken wenkbrauwen, dus ik besluit dat het tijd is om in te grijpen. Ik loop naar Soof toe en zak door mijn knieën. “Wauw, dat is een mooie tent hé?! Je wil er vast graag mee spelen maar dat kan niet, straks gaat hij kapot of wordt hij vies.” Nog voor ik mijn zin heb afgemaakt wordt haar hoofd rood en ontstaan er gebalde vuistjes. “Neeee!”. Plotseling rent ze naar de andere kant van de winkel, om zich vervolgens luidkeels ter aarde te storten met bijbehorend vocaal protest. Oké. Daar sta je dan.. De dag die je wist dat zou komen is eindelijk hier. Ben je er klaar voor? Kun je dat ooit echt zijn?

En dan?

Ik zie dat de verkoopster ons aanstaart en haar wenkbrauwen zijn inmiddels tot grote hoogte gestegen. En al wist ik dat dit moment ooit zou komen en ben ik mij ervan bewust dat dit gedrag volkomen normaal is, ik voel me toch een beetje opgelaten. Ik voel de ogen (en wenkbrauwen) prikken en in mijn gedachten hoor ik de oordelen van het winkelend publiek. Ik besluit even contact te maken met mijn gevoel van ongemak voordat ik Soof benader. Anders zou ik vanuit die emotie wellicht heel anders reageren dan helpend is. Ik adem even in en uit en bedenk mij dat iedere ouder dit vroeg of laat meemaakt en de oordelen van zowel mijzelf als anderen niet belangrijk zijn. Ik zie het als een leermoment voor Soof en mijzelf. Dus, laat die driftbui er maar zijn en laat ik dan vooral kalm blijven.

Ik kijk naar Soof.  Ze ligt nog steeds op de grond en schreeuwt (heel, heel hard) dat ze wil spelen. Tranen rollen over haar wangen en haar voeten stampen op de grond. Ik wil haar troosten, maar word bij iedere poging tot aanraking vakkundig weggeslagen. En terwijl ik naar haar kijk voelt het even alsof ik iets moet. Alsof ik nu degene ben die haar boosheid moet repareren of sussen. Of in ieder geval ervoor moet zorgen dat deze explosie aan emoties weer onder controle komt. En dan realiseer ik me dat het misschien juist heel goed is als ik even helemaal niets doe, behalve er zijn. Want juist ook haar drift en boosheid mag er zijn. Ik wil haar de mogelijkheid geven om met die gevoelens te leren omgaan en ik wil haar niet het idee geven dat ze geen boosheid mag ervaren. Alsof ze er alleen maar mag zijn als ze vrolijk of meewerkend is. Nee, dit mag (en moet zelfs) gebeuren. Ik zet mijn tas neer en ga naast haar zitten. In kleermakerszit een meter bij haar vandaan laat ik weten dat ik er voor haar ben als ze mij nodig heeft, “Mama is hier lieverd, ik ben bij je.”

Troost

Na een aantal minuten zie ik de boosheid veranderen in verdriet. “Wil je even bij mama?” Soof kijkt me aan en strekt haar armen. Ik pak haar vast en geef haar een zoen op haar natte wang. Ze hangt om mij heen, parkeert haar hoofd op mijn borst en snikt “spe-he-len”.  Ik besluit nog even te blijven zitten en haar gevoel woorden te geven door de oorzaak te benoemen. “Je bent verdrietig omdat je zo graag met de tipitent wil spelen hé? Helaas kan dat niet lieverd. Ik snap dat dat niet leuk is.” Soof snikt en herhaalt nogmaals dat ze wil spelen. Ik aai over haar bol en geef aan dat dat in de winkel niet kan. “Kom, we gaan naar huis, dan gaan we daar met de tent spelen”. Soof stemt in, al is het niet van harte. Snikkend en enigszins onrustig draag ik haar naar huis. Ze is moe, en anders ik wel.

Bij thuiskomst is ze de tent alweer vergeten en wil ze na de lunch meteen naar bed. Terwijl ik haar in slaap wieg realiseer ik mij dat ik zeker een kwartier op de vloer van de winkel heb gezeten zonder bezig te zijn met wat er om mij heen gebeurde. Ik voelde me niet opgelaten of beschaamd, was enkel bezig met het kijken naar mijn kind. Ik wilde optimaal afstemmen op haar belevingswereld en helpend zijn in haar zoektocht naar het omgaan met emoties. En door mijn eigen oordelen, verwachtingen en ego even helemaal opzij te zetten lukte dat (zelfs best heel goed)! Ik wist de rust te bewaren, los te laten, af te wachten en te troosten als ze daaraan toe was. Ik kon woorden vinden voor haar gevoelens en het allerbelangrijkste; we hebben de verbinding niet verloren. En zo weet ik dat we in deze zoektocht samen best een weg zullen vinden en voel ik me sterk genoeg om in een druk bezochte winkel gewoonweg een kwartier naast mijn gillende dochter te gaan zitten, als zij dat nodig heeft. Ik voel me moe en voldaan en Soof is inmiddels in een diepe slaap verzonken. Welterusten lief (en soms ook boos) meisje. Hoe je je ook voelt, het is oké. Jij bent oké.

 

 

 

 

DIY: bohemian Duktig speelkeuken!

Soof is dol op alles wat met koken te maken heeft. Logisch misschien ook wel, met haar naam! Een eigen keukentje kan dan ook natuurlijk niet ontbreken. En dat wil ik dan wel een beetje duurzaam en het liefst ook nog creatief. En zo ontstond het idee om de bekende Ikea Duktig speelkeuken om te pimpen tot een ware bohemian Kooksoof!

Via Marktplaats kochten we een tweedehands Duktig keukentje. En dat is niet alleen duurzaam voor het milieu, maar ook voor je portemonnee want het scheelt al snel de helft van de prijs!

Aan de slag

Ik besluit de basis niet te veranderen, dus de witte kastjes en het hout blijft hetzelfde. Enkel het aanrechtblad bewerk ik met houtkleurige folie, te koop bij de bouwmarkt. Dit geeft, vind ik, een warmere look. Alle oorspronkelijk grijze accenten maak ik wit door de matte spuitverf (van de Action) te gebruiken. Het gebruik van een primer is nodig, om te zorgen voor een egaal en dekkend resultaat.

Om de keuken een toffe bohemian look te geven, kies ik ervoor om een achterwand met Portugese tegellook te creëren. Ik neem bij Ikea oude MDF platen mee (dit is restafval dat gratis bij de uitgang op te halen is) en zaag deze op maat. Via AliExpress bestel ik tegelstickers welke ik eerst op maat knip en vervolgens op de achterwand bevestig.

Het eindresultaat

De zilveren handgrepen vervang ik door handgrepen met een ouderwetse look en ik werk het keukentje af door wat accessoires toe te voegen; een hangplantje, cactus en keukengerei!

Soof is enorm blij met haar speelkeuken. Ze speelt er dagelijks mee en dankzij deze DIY past hij ook nog eens perfect in ons interieur. Budgetproof, duurzaam en vooral een supertof cadeau voor een kookgrage dreumes of peuter!

Familieslaapkamer

Alle lievelingsmensjes verzamelen! Gezellig hoor, samen slapen. Maar omdat we het stiekem toch een beetje krap begonnen te vinden met z’n drieën op 1.40, besloten we onze tweepersoons slaapkamer om te bouwen naar een heuse familieslaapkamer. Dat betekende niet alleen een nieuw bed, maar ook een nieuwe kleur op de muur, familiefoto’s, fijn licht, plantjes én meer!

Een metertje extra

Waar wij voorheen met z’n drieën op 1.40 aan elkaar lagen vastgeplakt, hebben we nu een hele meter erbij! En dat oogt gigantisch groot!

We kozen voor een bed van steigerhout met hoofdbord. Leuk, omdat je er door accessoires sfeer mee kunt creëeren én handig om s’nachts een extra speentje of glas water op te kunnen neerzetten.

Carpe Noctem – Pluk de nacht

We kozen voor een warme kleur op de muur; Dining Room Red van Farrow & Ball. Een krijtverf die zorgt voor een matte look.

Naast mijn kant van het bed staat deze mooie Himalaya zoutlamp van natuursteen. Het geeft een zacht warm licht en dat is handig want zo wordt Soof niet wakker als wij naar bed gaan. Daarnaast heeft Himalayazout ook een gunstig effect op het lichaam. Het zuivert de lucht en zorgt voor ontspanning.

Om te voorkomen dat er kleding, handdoeken en badjassen door de kamer zwerven hebben we een toffe vintage haak gemonteerd aan de binnenkant van onze slaapkamerdeur. Het enige dat nu nog door de kamer zwerft is onze poes (die overigens tot zijn verdriet dan weer niet bij ons slaapt).

Vanuit ons bed kijken we op dit leuke kastje, vol met prentenboeken en een mand met speelgoed. Zo kan Soof zelf boekjes uitzoeken en zich vermaken als we langzaam wakker worden.

Foto’s, ik ben er dol op! En om onze familieslaapkamer écht persoonlijk te maken, heb ik mooie kiekjes en inspirerende teksten op polaroidformaat afgedrukt. Ik heb ze met garen aan elkaar vastgemaakt en bevestigd aan een bamboestok. Heel makkelijk en het resultaat is super sfeervol!

Zo, project familieslaapkamer is wat mij betreft hartstikke geslaagd! Zowel wij als Soof slapen heerlijk in het, zoals zij het noemt, grooooote bed! Benieuwd waarom wij samen slapen nu eigenlijk zo fijn en logisch vinden? Check dan mijn blog Samen slapen!

Boeuf bourguignon

Een traditioneel Franse stoofpot, waarvoor je behalve verse ingrediënten ook een beetje (erg veel) geduld nodig hebt. Een gerecht waar je huis lekker van gaat ruiken en je bourgondische hart sneller van gaat kloppen.

Wat dan?

Ingrediënten (voor 6 personen):

  • 1 kilo runderlappen (ik gebruikte scharrelrundvlees van de slager)
  • 3 uien
  • 375 gram winterpeen
  • 4 tenen knoflook
  • 750 milliliter rode wijn voor de marinade
  • 50 milliliter rode wijn voor de bouillon
  • 270 gram spekblokjes
  • 105 gram tomatenpuree
  • 5 takjes verse tijm
  • 45 gram verse peterselie
  • 320 gram zilveruitjes
  • 250 gram champignons
  • ongeveer 750 milliliter runderbouillon

Hoe dan?

Snijd de runderlappen in blokjes van 2 bij 2 centimeter. Snijd de uien in ringen en de winterpeen en knoflook in plakjes. Bestrooi het rundvlees met zout en peper en meng dit in een grote kom met de ui, winterpeen en knoflook. Schenk 750 milliliter wijn erover en laat het geheel minimaal 2 uur (liever nog een hele nacht) marineren in de koelkast.

Schep het vlees uit de marinade en dep het droog met keukenpapier. Bak de spekblokjes zonder olie of boter ongeveer 10 minuten in de braadpan. Schep de spekjes uit de pan en bak het rundvlees in het vet van het spek tot het goudbruin is. Haal het vervolgens uit de pan.

Haal de groenten uit de marinade en bak deze in de pan 5 minuten op laag vuur. Voeg de tomatenpuree toe en bak het geheel 1 minuut. Voeg de rundvlees en het spek toe evenals de runderbouillon en een scheutje (ongeveer 50 milliliter) rode wijn. Zorg dat het vlees ondergedompeld blijft in vocht.

Bind de tijm, laurierblaadjes en de peterselie bij elkaar met een keukentouw. Voeg dit bouquet toe aan de pan en laat het geheel minimaal 3 uur stoven op laag vuur.

Ongeveer 45 minuten voor serveren:
Veeg de champignons schoon en doe ze in de pan. Laat de zilveruitjes uitlekken en voeg ze toe aan de pan. Laat het geheel nog ongeveer 30 minuten sudderen. Proef of het vlees mals is en breng het geheel zo nodig op smaak met extra peper en zout.

Eet smakelijk!

Digitale detox; een weekend offline

Het is vrijdagavond 21.00 uur als ik het zijknopje van mijn telefoon indruk en kies voor de optie ‘uitschakelen’. Ik kan mij überhaupt niet herinneren wanneer de laatste keer is geweest dat ik zelf mijn telefoon uit zette. Hij gaat natuurlijk wel eens vaker uit, maar dat is dan omdat de batterij plotseling leeg is (nadat ik de melding twee keer heb genegeerd). Vervolgens ga ik dan direct geïrriteerd opzoek naar een oplader, in de hoop dat hij meteen weer aanspringt en niet ook nog eens 10 minuten nodig heeft om weer enigszins tot leven te komen. Maar vanavond niet. Ik leg hem op het kastje in slaapkamer en daar blijft hij, tot maandagochtend.

Waarom zonder?

De reden van dit experiment is simpel: ik spendeer meer tijd in de digitale wereld dan ik zou willen. Op Instagram vroeg ik mijn volgers hoeveel tijd zij dagelijks spenderen op hun telefoon. Gemiddeld 3 uur, meer dan een kwart van een werkdag. Sinds de iPhone update krijg ik (ongevraagd) een wekelijks pushbericht met daarin de statistieken van mijn telefoongebruik. Volgens de Big Brother in mijn broekzak spendeer ik gemiddeld *verstopt zich in een hoekje van schaamte* 4,5 uur per dag online. Ik gebruik hem als fototoestel, televisie, radio, notitieblok, gitaarstemmer, kledingwinkel en om de beste versie van andermans leven te bekijken op social media. Op Instagram gaf 70% van mijn volgers aan zijn telefoon minder te willen gebruiken en bijna hetzelfde percentage noemt zichzelf verslaafd. En ja, ook ik kan moeilijk zonder. Iedereen gebruikt zijn telefoon voornamelijk ter ontspanning, maar na telefoongebruik voelt nog niet eens de helft van mijn volgers zich ook echt meer ontspannen dan daarvoor. En ook dat herken ik. Vaak voel ik me eerder opgejaagd dan ontspannen na het bekijken van 26 Instagramstories, het verwijderen van 9 reclamemailtjes en het beantwoorden van 13 whatsappgroepen. Dus, tijd voor digitale detox!

Afkicken dan maar

Direct na het opbergen van mijn telefoon bemerk ik ingesleten patronen waarvan ik me niet eerder bewust was. Het voelt leeg. Geen muziek tijdens het inruimen van de vaatwasser, geen aflevering van een serie op de achtergrond tijdens het doen van de was en geen Facebookverhalen tijdens het tandenpoetsen. Ik realiseer me dat ik eigenlijk zelden één ding tegelijk doe. Bijna altijd is er via mijn telefoon wel enige vorm van afleiding in de buurt en ik hoef in de verte maar een trilsignaal te horen om direct mijn concentratie te verliezen. En omdat ik zo gewend ben geraakt aan die afleiding ben ik tijdens het tandenpoetsen onrustig was aan het verzamelen en sta ik tijdens het inruimen van de vaatwasser mijn nagels te lakken. Eenmaal in bed lig ik een beetje verloren naar het plafond te staren, want nog even de socials checken voor het slapengaan is er nu niet bij. En ergens voelt het alsof ik dat momentje even nodig heb om de overgang te kunnen maken van dag naar de nacht. Dus in plaats van mijn telefoon, besluit ik een tijdschrift te pakken. Na het lezen van twee artikelen voel ik dat ik moe ben. Grappig, want dat gevoel heb ik niet snel wanneer ik met mijn telefoon in bed lig. Dan is het eerder mijn verstand die tot mij spreekt dat ik nu toch echt zou moeten gaan slapen. Ik leg mijn tijdschrift weg en besluit naar mijn gevoel te luisteren; welterusten.

Vakantiegevoel

Zaterdagochtend. Ik word uitgerust wakker en direct komt het besef dat de eerste hele dag zonder telefoon is begonnen. Het voelt niet vervelend of onrustig, ik heb er zelfs best zin in. Samen met mijn man en dochter ga ik naar beneden. We ontbijten, rommelen wat in huis, drinken thee en kletsen over de plannen voor het weekend. En dat alles zonder afleiding van mijn digitale vriend. Het voelt alsof ik niets hoef. Alsof ik met volledige aandacht kan zijn bij mijn gezin, zonder dat er ergens anders ook nog iets van mij verwacht wordt. Na het ontbijt spring ik onder de douche. Ik zie een voorzichtig zonnetje door het badkamerraam naar binnen schijnen en in gedachten hoor ik het nummer ‘Follow the sun’. Fluitend stap ik onder de douche vandaan, wat een ontspannen begin van deze dag. En eerlijk gezegd voelt het zelfs een beetje als vakantie!

Het weekend is gevuld met leuke dingen. Een bezoekje aan de overgrootouders van Soof, een wandeling met z’n drieën en een rondje over de markt. Mijn zus en zwager komen eten en we hebben een gezellige lunch met vrienden in de planning. En nu ik zelf offline ben, valt het mij pas echt op hoe het veelvuldig telefoongebruik is geïntegreerd in onze maatschappij. In de rij voor de kassa staat letterlijk iedereen naar beneden te staren en ook tijdens gesprekken met vrienden of familie wordt de telefoon ongemerkt tevoorschijn gehaald. Op mijn Instagrampoll gaf maarliefst 86% aan zich regelmatig te ergeren aan het telefoongebruik van anderen. En ook ik bemerk irritatie wanneer ik mijn vraag twee keer moet herhalen omdat manlief in gedachten verzonken een YouTubefilmpje bekijkt tijdens ons gesprek. Vreemd toch eigenlijk? Dat we ons bijna allemaal ergeren aan het telefoongebruik van anderen en tegelijkertijd hier zelf net zo schuldig aan zijn. Zouden we niet gewoon veel betere gesprekken en fijner contact hebben juist zónder die afleiding en drang naar nog meer prikkels en informatie?

Back to basic

Inmiddels ben ik al helemaal gewend aan mijn offline bestaan, maar toch zijn er een aantal hardnekkige patronen die de kop op blijven steken. Telkens als we van huis vertrekken voelt het alsof ik iets vergeet en na iedere maaltijd ben ik onbewust opzoek naar mijn telefoon voor een Facebook-Instagrampauze. Gelukkig weet ik op deze momenten de behoefte aan mijn telefoon al snel los te laten en voelt dat dan ook weer meteen bevrijdend. En als ik dan toch behoefte heb aan wat amusement of leesvoer; dan lees ik even de krant of een tijdschrift. Zoals hier, tijdens een bezoek aan een van onze favoriete lunchrooms.

Het is zondagmiddag als ik me realiseer dat ik mijn telefoon helemaal niet meer mis. Voorafgaand aan dit experiment dacht ik mij ontzettend te gaan vervelen of juist een gevoel van onrust te gaan ervaren, maar het tegenovergestelde is gebeurd. Ik ervaar rust, meer ruimte voor gedachtes en creatieve ideeën. Want waar ik voorheen ieder moment van verveling zou opvullen met mijn telefoon, word mijn geest nu vrijgelaten om af te dwalen en te fantaseren. Iets waar ik normaliter dus bijna niet aan toe kom zorgt nu meteen voor het ontstaan van nieuwe inzichten en ideeën. Ik heb ruimte om te filosoferen, na te denken en te voelen zonder enige vorm van afleiding. En dat maakt dit weekend zonder twijfel een van de meest ontspannende weekenden ooit.

Zondagavond kom ik op het punt dat ik op begin te zien tegen morgen; het moment dat ik weer toe zal treden tot de digitale wereld. En natuurlijk heeft het ook voordelen; mijn favoriete muziek weer kunnen luisteren, weer kunnen fotograferen en schrijven. Deze dingen zijn eigenlijk het enige dat ik écht heb gemist deze dagen. De rest is enkel opvulling, tijdverdrijf, noodzakelijk of afleiding. En daarmee zeg ik niet dat dit verkeerd is. Het kan zelfs heel ontspannend werken of nuttig zijn, zolang je maar geen slaaf wordt van het gevoel niets te willen missen, ofwel lijdt aan FOMO (fear of missing out). Nee, dit weekend werd FOMO voor mij JOMO.

En zo kom ik tot de conclusie dat het offline bestaan mij eigenlijk heel goed bevalt en ik hoe dan ook nooit meer terug wil naar die 4,5 uur per dag online. Ik neem mij voor vaste momenten van telefoongebruik in te bouwen en eens per maand een offline weekend in te plannen. Want uiteindelijk is de digitale wereld gewoonweg niet de wereld waarin we leven en leidt het enkel af van het werkelijk zijn in het hier en nu. Ja, dan kies ik toch echt liever voor een leuk gesprek, een moment van verveling of het lezen van een goed boek. Heel gezond, die rust en eenvoud. En op die manier vier ik gewoon stiekem iedere dag een piepklein beetje vakantie!

Creatief en duurzaam speelplezier

De speelgoedkast is goed gevuld. Misschien wel een beetje té goed. Blokken, puzzels, muziekinstrumenten, boekjes, ontelbaar veel spelletjes en een hele lading knuffels. Nee, Soof heeft niets te klagen. En toch kijk ik op deze vrijdagochtend naar mijn dochter, die zich al een uur vermaakt met een leeg pak melk. De dop kan erop en zelfs eraf. En die dop kan ook tussen de tenen trouwens. Hij past ook nog op de neus van de knuffelbeer en fungeert als tomaat bij de lunch. De poezen krijgen een slokje uit het pak en ook de vissen worden voorzien van een melkontbijt. En zo realiseer ik me dat kinderen helemaal niet zoveel nodig hebben en het vooral belangrijk is dat het speelgoed wat ze hebben, de creativiteit, fantasie en verbeelding aanspreekt.

Tijdens mijn zwangerschap en als nieuwbakken moeder, was ik nog helemaal niet zo bezig met het aanschaffen en aanbieden van creatief speelgoed. Maar naarmate Soof ouder werd, bemerkte ik al snel dat haar interesse en plezier in spelen toenam als we speelgoed gebruikten zonder duidelijke bedoeling.

Uitgekauwd speelgoed

Veel speelgoed is (zoals ik dat noem) uitgekauwd’. Het heeft een duidelijke functie en bedoeling. De trein rijdt na een druk op de knop, op de vooraf uitgestippelde route en op het vooraf bepaalde tempo naar het eindstation. Aldaar aangekomen klinkt er een fluit en begint het rondje weer op nieuw. Je begrijpt, hier is weinig ruimte voor eigen invulling en fantasie. Vrijwel de gehele inhoud van het spel is vooraf vastgelegd en daar valt weinig meer aan te verbeelden en sturen. En hoewel je wel aanvoelt dat dit weinig bijdraagt aan de creativiteit en ontwikkeling, hoeft dat natuurlijk niet te betekenen het geen speelplezier oplevert. Mijn ervaring met Soof leert mij echter wel dat zij zich juist langer en intenser vermaakt met speelgoed zónder direct doel.

Antropo-soof

Speelgoed dat je kind uitnodigt om zelf een spel te bedenken en hierin te groeien. In de antroposofie wordt het ook wel ‘open einde speelgoed’ genoemd; speelgoed zonder direct doel. Daarbij is antroposofisch speelgoed gemaakt van duurzame materialen zoals bijvoorbeeld hout, wol of katoen. Dit speelgoed wordt onder eerlijke en milieuvriendelijke omstandigheden geproduceerd en is daarmee voor moeder aarde dus ook stukken beter dan bijvoorbeeld plastic speelgoed.

En nee, echt niet álles waar Soof mee speelt is antroposofisch, maar bijna alles wat ik nieuw koop is dat wel. Omdat het duurzaam is en daarmee goed voor het milieu én omdat Soof er zichtbaar meer speelplezier van heeft.

Maar waar begin je? En welk speelgoed is dan echt een succes? Dat is natuurlijk voor ieder kind weer anders. Toch deel ik graag onze top 3 succesvol, creatief en duurzaam speelgoed. Wie weet inspireert het je tot het aanschaffen of vragen van een mooi, creatief en/of duurzaam speelcadeau.

Top 3 creatief speelgoed

Wobbel

De allergrootste favoriet hier in huis is toch wel echt de wobbel! Soof noemt het de ‘hobbo’ en kreeg hem van ons voor haar eerste verjaardag. Een groot succes, ieder dag opnieuw! De wobbel is een houten board, gemaakt van duurzame materialen (hout, vilt of kurk) en het heeft een enorme aantrekkingskracht op kinderen van alle leeftijden. Soof vindt het prachtig, maar ook het 4 jarige zoontje van mijn vriendin rent er meteen naartoe als zij bij ons thuis komen. De wobbel heeft niet direct een duidelijke functie en precies dat is wat dit speelgoed volgens mij zo leuk maakt. Je kunt er namelijk van maken wat je wil. Een balanceboard, relaxplek, skatebaan, viaduct voor auto’s, glijbaan, poppenkast, verstopplek of toch een wipwap? De mogelijkheden zijn eindeloos en daarmee ook het speelplezier.

Een wobbel en een pak melk, daar gaat Soof vanzelf van lachen!

Het huis van Kikker

Soof is dol op Kikker en zijn vriendjes. En of het nu gaat om de boeken, filmpjes, poppen of het speelgoed; succes gegarandeerd. De verhalen van Kikker zijn liefelijk en harmonieus en bevatten altijd een boodschap van respect, tevredenheid en vriendelijkheid. Dat vindt mama dan ook weer leuk natuurlijk.

En als je zo dol bent op die groene vriend, dan is het hebben van je eigen Kikkerhuis natuurlijk he-le-maal het einde. Soof klopt op de voordeur, draait het huisje om en speelt vervolgens hele (onverstaanbare) scenes met haar favoriete figuren. Ze koken, spelen, eten, dansen en lachen. En dat alles gefantaseerd en geregisseerd door Soof. Een simpele en leuke manier om creativiteit te ontwikkelen.

GRIMMS regenboog

Niets magischer dan een regenboog. Soof kreeg dit prachtige speelgoed voor haar eerste verjaardag van haar oma. En in al het cadeau-geweld en de drukte van haar feestje, had ze eigenlijk alleen maar oog voor deze kleurrijke houten bogen. Het speelgoed van GRIMMS wordt handgemaakt van duurzaam hout en gekleurd met waterbasis- en gifvrije verf. Je kunt de bogen stapelen, als regenboog neerzetten en net als de wobbel kan het met wat fantasie voor van alles fungeren. Duurzaam én creatief, wij zijn fan!

Er was eens Sinterklaas

Sinterklaas. Een oer-Hollands en bovenal magisch feest. Een tijd van gezelligheid, spelletjes en liedjes zingen bij de openhaard. Chocoladeletters snoepen, kruidnoten bakken en Sint en Piet verwelkomen aan de plaatselijke haven.

Hoe ouder Soof wordt, hoe leuker (en ook spannender) ze het vindt. ‘Piet en Klaas’ zoals ze hen nu met haar 1,5 jaar noemt. Ze kan er geen genoeg van krijgen.

Ouder worden betekent niet alleen meer plezier in het feest, het betekent ook dat het Sinterklaasconcept steeds concreter wordt. Voor zowel haar, als voor mij als moeder. Dat is vooral heel leuk, maar het zet mij ook aan het denken. Het betekent namelijk ook dat er een punt komt waarop ik bewust moet gaan liegen tegen mijn dochter, door bijvoorbeeld te zeggen dat die overduidelijke nepbaard wel echt is. Een punt waarop ik moet verklaren hoe het komt dat klasgenootje X een iPad in zijn schoen krijgt, terwijl zij het moet doen met een houten speelgoedolifantje. En dan maar hopen dat ze zichzelf niet heeft overtuigd van het idee dat ze waarschijnlijk niet lief genoeg is geweest voor ook een iPad.

Het zal ook een moment zijn waarop ik haar wijsmaak dat de normen en waarden die ik haar wil meegeven, dus blijkbaar niet gelden voor mij of tijdens deze periode. ‘We liegen niet tegen elkaar, maar tijdens deze periode doe ik dat wel” ..

Eerlijkheid

Want hoe kan ik nu vertrouwen en eerlijkheid pretenderen als belangrijk, als ik dit niet voorleef? Vind ik het echt zo belangrijk om te doen alsof het Sinterklaasverhaal allemaal écht is? Ook als dit ten kosten gaat van mijn eigen visie en principes? En ook als dit wellicht gevolgen heeft voor het toekomstige vertrouwen tussen ons? Het antwoord is simpel; nee, het voelt gewoon niet goed hierover te liegen tegen mijn kind. En hoe langer ik nadenk over het hoe en waarom, des te meer reden ik zie om de waarheid niet onder stoelen of banken te steken.

Sint-stress

Wie zoet is krijgt lekkers, wie stout is de roe. Pieten die je huis ongemerkt betreden terwijl je slaapt en Sinterklaas die je meeneemt naar Spanje als je je misdraagt. Die hele sinterklaasperiode wil nogal eens voor stress zorgen bij kinderen. Zogenoemde Sint-stress is een steeds bekender wordend fenomeen waarbij kinderen in de sinterklaasperiode meer last hebben van angsten, vaker bedplassen en slechter slapen. Logisch ook wel, als je je bedenkt dat er zoveel veranderd voor een week of drie per jaar. En fijn ook, om te bedenken dat deze stress stukken minder kan worden als we niet krampachtig vasthouden aan ‘het geheim’. Want is die behoefte aan het geloof in Sinterklaas nu eigenlijk van het kind of vooral van ons als ouders?

Magie

Je hebt vast wel eens gehoord van dat experiment waarbij een juf zich voor de ogen van de klas verkleed als Piet. Als er gevraagd wordt wie er voor de klas staat antwoordden de kinderen: “Piet!” Magisch denken heet dat. Fantasie en werkelijkheid loopt bij kinderen tot een jaar of 6 flink door elkaar heen. De waarheid over het Sinterklaasverhaal zal dan ook niets afdoen aan de beleving van het feest; het is en blijft magisch, net als een sprookje!

Maar wat zeg je dan?

De magie behouden én een eerlijk verhaal delen over Sinterklaas, dat kan. Ik ben simpelweg van plan om gewoon te vertellen hoe het zit.

‘Er was ooit eens een man die Sint Nicolaas heette. Hij woonde in een warm land en gaf arme kinderen eten en cadeautjes. En omdat we het nu nog steeds zó leuk vinden dat hij dat deed, vieren we in Nederland ieder jaar zijn verjaardag. Dan verkleden mensen zich als Sint of Piet. We vieren feest en geven elkaar snoep en cadeautjes, net zoals Sinterklaas dat vroeger deed bij de armen. En om het feest nog leuker te maken, hebben we er allemaal extra dingen bij bedacht. Zoals dat Sinterklaas een paard heeft die op daken kan lopen, Pieten door de schoorsteen naar binnen komen en ze helemaal uit Spanje met de boot naar Nederland komen. We doen alsof, om te vieren dat Sinterklaas ooit heeft bestaan.’

Soof zal dus weten dat de mensen die Piet spelen, zich ’s avonds afschminken. Dat Sinterklaas een plakbaard heeft en dat het paard waar hij op rijdt, hetzelfde paard is als die van de manege om de hoek. En tegelijkertijd zullen wij, net als de meeste Nederlandse gezinnen, ook gewoon het Sinterklaasfeest vieren. Inclusief intocht, schoen zetten, snoepgoed en natuurlijk pakjesavond. En dat alles doen wij met een verhaal dat niets afdoet aan de waarheid en -minstens even belangrijk- tegelijkertijd ook niets afdoet aan de magie en het plezier van dit fijne en gezellige kinderfeest!

Noors Platbrood

Een traditioneel Noors recept dat zowel gezond als heel erg lekker is! Noors platbrood is mijn all time favorite broodvervanger. Het vult goed, is koolhydraatarm én een bron van goede vetten. Makkelijk te maken en te bewaren want je kunt Noors Platbrood goed invriezen. Ideaal om mee te nemen als lunch!
Uit onderstaand recept haal je +- 7 porties.

Wat dan?

  • 80 gram pompoenpitten
  • 75 gram zonnebloempitten
  • 70 gram sesamzaad
  • 65 gram lijnzaad
  • 130 geraspte oude kaas (Rasp het liefst verse kaas. Kant en klare geraspte kaas bevat namelijk zetmeel en kleurstoffen)
  • 1 eetlepel mayonaise (ik gebruik Calvé Olijfmayonaise)
  • 2 eetlepels Griekse yoghurt 10% vet
  • 3 eieren
  • 1 theelepel wijnsteen bakpoeder
  • Italiaanse kruiden naar smaak
  • Zout naar smaak

Hoe dan?

Verwarm de oven voor op 200 graden. Rasp de kaas en meng dit in een grote kom met de eieren, mayonaise en yoghurt. Voeg de zaden toe samen met de Italiaanse kruiden en het zout. Verdeel het mengsel zo dun mogelijk over bakpapier, hoe dunner hoe knapperiger en smaakvoller het resultaat. Bak het platbrood 20 minuten af en laat het afkoelen voordat je het in stukken snijdt.

Heerlijk met zalm, (zelfgemaakte) eiersalade, roomkaas en komkommer of uit het vuistje.